Voorbij het bestandsformaat

de noodzaak van een rijke informatiewerkelijkheid

Een reactie op de visie van Martijn Aslander over informatie-ellende

In de discussie over de structurele informatie-ellende bij de overheid wijst technologie-filosoof Martijn Aslander naar een fundamentele weeffout: onze blinde keuze voor het bestandsformaat (bron LinkedIn). Zijn diagnose legt een essentieel pijnpunt bloot. We digitaliseren documenten in binaire, printer-georiënteerde formaten zoals Word en PDF geoptimaliseerd voor een systeemcontext. Dit terwijl we zouden moeten informatiseren in direct leesbare vormen zoals Markdown of platte tekst. De gemaakte keuze creëert een keten van afhankelijkheden en enorme maatschappelijke kosten.

Hoewel deze analyse hout snijdt, dreigt er een nieuw risico wanneer we ons hiertoe beperken. Vanuit de Moderne Informatie-architectuur (MIA) voegen we een cruciaal inzicht aan toe:

informatieoverdracht naar een persoon gaat onherroepelijk gepaard met informatieverlies als we de visuele en contextuele rijkdom opofferen aan de goden van de platte tekst.

 

De menselijke maat in informatieoverdracht

Interpretatie: De praktisch toepasbare informatie is de waarde en betekenis die een persoon in zijn hoofd vormt. Een informatiepositie is het middel om die betekenis over te dragen.

Taal en semantiek zijn essentieel voor deze overdracht, maar de interpretatie van taal is onlosmakelijk verbonden met visuele aspecten. In mijn boek Geschreven Tekst (Tekstinterpretatie in de praktijk) ga ik breed in op hoe zaken als kleur, opmaak en typografie geen ‘versiering’ zijn, maar dragers van informatie. Ze sturen het menselijk brein in het begrijpen van hiërarchie, urgentie en nuance.

Wanneer we alle informatie reduceren tot platte tekst omwille van de directe leesbaarheid in systemen, verliezen we deze impliciete informatie. Een mens kan een abstracte informatiegraaf of een kale tekst zonder visuele cues niet op dezelfde manier absorberen als een rijk vormgegeven informatieobject. Als we die visuele kracht zouden vervangen door tekstuele beschrijvingen, wordt de informatie voor de mens juist minder toegankelijk en minder betrouwbaar. Het bekende gezegde is ook hier op zijn plaats: een plaatje (vormgeving) zegt meer dan duizend woorden.

De dubbele opgave van de architectuur

MIA vertrekt vanuit de overtuiging dat we informatie altijd vanuit twee verschillende toepassingen moeten vormgeven in onze systemen.

  • Ten eerste: de toepassing door mensen.
    Mensen hebben behoefte aan een volledige en betrouwbare informatiepositie. Om dit waar te maken, is een rijke registratie nodig die een betrouwbare overdracht tussen systeem en mens garandeert. Visuele vormgeving en structuur zijn hierbij hulpmiddelen die de menselijke cognitie ondersteunen. Een document is in deze context ‘papier achter glas’ met essentiële egenschappen voor de interpretatie in die context, op dat specifieke moment.
  • Ten tweede: de toepassing als vastlegging en overdracht op termijn.
    Hier heeft Aslander een sterk punt: binaire formaten zijn een blok aan het been voor duurzame bewaring. We hebben behoefte aan persistentiewaardige data die onafhankelijk van specifieke software kan worden ontsloten. De uitdaging is echter om alle informatieonderdelen – inclusief de context en de visuele semantiek – expliciet te definiëren zodat we ze in de voorzieningen van de toekomst weer passend kunnen reproduceren.

MIA als modelleerkader voor de werkelijkheid

MIA schuift de ‘informatiepositie’ naar voren als een manier om de complexe informatiewerkelijkheid te modelleren. In plaats van te discussiëren over het bestand, moeten we ontwerpen op de duurzame toegankelijkheid van de informatie zelf.

Het doel van MIA is om die voorheen impliciete informatie (zoals de betekenis van opmaak of context) expliciet te maken. Alleen door deze elementen vast te leggen, kunnen we garanderen dat een toekomstige presentatievorm de informatieoverdracht naar de persoon volledig waar kan maken. We ontwerpen dus niet voor een bestand, maar voor de beheersbare duurzame overdracht.

Conclusie: de nuance van de overdracht

Aslander vergelijkt het bestandsformaat met een malariamug: klein, maar de veroorzaker van grote ellende. Dat is een scherpe observatie voor de manier waarop we onze digitale huishouding hebben ingericht. Maar als we de mug bestrijden door de communicatie te verschralen tot louter platte tekst, verliezen we de rijkdom en de effectiviteit van de menselijke dialoog.

De Moderne Informatie-architectuur biedt een weg voorwaarts. Laten we de informatie als zodanig expliciet definiëren, zodat deze in de opslag persistentiewaardig is, en in de verschijning altijd de volledige betekenis kan overdragen aan de mens. Alleen dan creëren we een informatievoorziening die zowel de tand des tijds als de menselijke maat doorstaat.